Biokap 2.0

Biokap 2.0 :  van monitoring naar risico inventarisatie.

Vanuit consumentenperspectief zijn er hoge verwachtingen ten aanzien van de kwaliteit van biologische producten. Al decennia lang staan biologische producten in de volksmond bekend als ‘onbespoten en dus gifvrij’. In de praktijk betekent dit dat er binnen de biologische landbouwmethode geen gebruik mag worden gemaakt van niet toegestane chemische stoffen en kunstmest. Door het verder volwassen worden worden van de biologische markt is de aandacht voor de kwaliteit van het biologisch eindproduct ook verder toegenomen, terwijl de EU verordening de biologische landbouw methode beschrijft en geen eindproduct wetgeving is. Met de voortschrijdende detectietechnieken kan tevens steeds nauwkeuriger bepaald worden of er toch kleine hoeveelheden residuen aanwezig zijn in biologisch eindproduct. Juist daarom wilde een groeiende groep handels- en verwerkingsbedrijven, verenigd in de VBP, de consumentenverwachting vergaand borgen. Daartoe is vanaf 2006 intensief samengewerkt om het BIOKAP residumonitoringsysteem op te zetten. Door systematisch toezicht te houden op mogelijke residuen in biologische grondstoffen en onderzoek te verrichten naar oorzaken van contaminaties, ontstaat inzicht hoe eventuele contaminaties in vervolg voorkomen kunnen worden.

De afgelopen jaren is er veel waardevolle informatie verkregen en gebruikt om risico’s beter in te schatten. Naast het analyseren van monstername data ontstond bij de deelnemende bedrijven de behoefte om verdere verantwoordelijkheid te nemen. Veel bedrijven werken met een kwaliteitssysteem, maar nagenoeg geen enkel systeem brengt de risico’s die specifiek bij biologische handel en verwerking spelen in beeld.

VBP heeft samen met de 19 aan Biokap deelnemende bedrijven, Precon en AOEL, de Duitse vereniging voor biologische producenten en handel, de handen ineengeslagen en is gestart met het opzetten van een risicomodel, specifiek voor biologische handels en verwerkingsbedrijven. Dit risicomodel is in workshops uitgewerkt en zal de komende maanden verfijnd worden. Hierbij wordt er nauw samengewerkt met en tussen de verschillende deelnemende bedrijven. Het risicomodel zal bedrijven inzicht geven in  de mate van risico op gebied van proces, grondstoffen of toeleverancier. Dit risico inzicht biedt vervolgens de mogelijkheid om beheersmaatregelen te nemen en risico’s actief te borgen.  Door dit inzicht kun je de juiste kritische vragen te stellen over producten of processen aan je toeleverancier. Of afstemmen of en zo ja welke analyses de toeleverancier reeds gedaan heeft, zodat jij dat niet nogmaals doet en daarmee de analyse matrix kan optimaliseren. Uiteindelijk kan dit zelfs leiden tot een effectieve beheersing van de analysekosten.

Binnen dit project zal tevens de juridische haalbaarheid van het opnemen van afspraken over residuen in de leveringsvoorwaarden van bedrijven worden onderzocht. Dit zal in samenwerking met  de Hamburger Warenverein, AOEL en juristen worden bekeken. De afspraken worden dan in een aparte paragraaf , als onderdeel van de leveringsvoorwaarden, opgenomen. Deze paragraaf biedt bedrijven dan een uitgangspunt . Door de  samenwerking tussen Duitsland en Nederland verwachten we dat veel bedrijven deze paragraaf zullen opnemen.

De komende periode wordt het risicomodel verfijnd en verder aangepast naar een goed en werkbaar model dat te integreren is binnen bestaande kwaliteitssystemen.

Bedrijven die belangstelling hebben voor dit model zijn van harte uitgenodigd voor de presentatie tijdens de Biovak en Biofach 2014.